Schepen en bemanningen

Regelmatig krijgt het Noordelijk Scheepvaartmuseum vragen van bezoekers over familieleden die naar zee zijn gegaan. Vaak weet men de naam van het schip niet of de tijd waarin het zich heeft afgespeeld. Monsterrollen kunnen dan als bron zeer geschikt zijn. Het zijn bemanningslijsten die de naam, rang, gage, woonplaats en leeftijd van elke zeeman aan boord vermelden, evenals de naam, het type en de grootte van het betreffende schip. Hierna kan vervolgens gericht gezocht worden naar andere bronnen voor verder onderzoek.

Monsterrollen zijn scheepsdocumenten die op elk zeeschip aanwezig dienen te zijn. Iedere kapitein kan daarmee aantonen wie tot de bemanning behoort of zich als passagier aan boord bevindt. Daarnaast bevatten ze duidelijk omschreven de rechten en plichten aan boord: het zijn in die zin collectieve arbeidscontracten. Van havens als Amsterdam en Hamburg zijn al monsterrollen bewaard uit de zeventiende eeuw, maar voor Groningen en Friesland ligt het begin in de negentiende eeuw, voor Drenthe in 1902. Het omvangrijkst zijn de verzamelingen in de gemeentearchieven van Delfzijl, Groningen Stad, Harlingen, de Pekela's en Veendam. Daarnaast zijn er ook in de gemeentearchieven van de gemeentes Aa en Hunze (o.a. Gasselternijveen), Hoogezand-Sappemeer en De Marne (o.a. Zoutkamp) veel te vinden. Tenslotte zijn er ook monsterrollen bekend uit particulier bezit en in de collecties van het Fries Scheepvaartmuseum in Sneek en het Noordelijk Scheepvaartmuseum in Groningen.
Een woord van dank is hierbij op zijn plaats voor de Groninger Archieven en het gemeentearchief Veendam, die scans van de door hen bewaarde monsterrollen beschikbaar stelden, en verder voor de particulieren, het Fries Scheepvaartmuseum en het Kapiteinshuis die kopieën van hun bronnen opstuurden.

Zeeman als beroep
Tussen 1803 en 1937, het eerste en laatste jaar in de database van monsterrollen, werden de schepen voortdurend groter en het zeemansberoep steeds technischer. In de zeiltijd gebeurde de opleiding vooral door de praktijk van alledag. Wie stuurman of kapitein wilde worden, volgde daarvoor een opleiding aan een zeevaartschool en dat gebeurde meestal 's winters. In de zeiltijd ging men al op jonge leeftijd naar zee: 14 jaar was heel normaal voor een scheepsjongen, kajuitwachter of koksmaat. Die verdiende een paar gulden vast per maand, maar kost en inwoning waren altijd gratis. Wie het werken met de zeilen, het splitsen van touwen of het koken van hooguit drie of vier gevariëerde maaltijden onder de knie kreeg, mocht blijven. Na enkele jaren vaartijd kon de rang van achtereenvolgens lichtmatroos, matroos o.g. (onder de gage, dus nog zonder het volle salaris), matroos en tenslotte volmatroos worden behaald. Matroos werden de meesten rond hun 23e. De vaste maandgage bij die rang liep uiteen van 20 tot 35 gulden, na 1900 tot zelfs meer dan 60 gulden.

Vanaf 1900 werden behaalde diploma's regelmatig in de monsterrollen vermeld. Een matroos die geen bezwaar had tegen studeren en een hogere rang wilde bereiken, kon kiezen voor een opleiding tot stuurman of machinist. Stuurman werd men rond het 28e en kapitein rond het 33e levensjaar. Over het loon van kapiteins of schippers werd in de monsterrollen bijna nooit iets vermeld. Een stuurman verdiende tussen de twintig en vijftig gulden per maand. Machinisten haalden echter een salaris dat wel twee of drie keer meer was en dat niet alleen rond 1920, in de begintijd van de scheepsmotor in de kustvaart, maar tot ver in de tweede helft van de twintigste eeuw.

Wat zit er in de database
De database van monsterrollen op deze website bevat de bemanningsgegevens uit het archief van het gewest Fivelingo in de Franse tijd, de gemeentearchieven van Aa en Hunze, Delfzijl, De Marne, Dokkum, Groningen Stad, Hoogezand-Sappemeer, Oude en Nieuwe Pekela, Stavoren, Veendam en Wildervank, het Fries Scheepvaartmuseum in Sneek, het Kapiteinshuis in Pekela, het Noordelijk Scheepvaartmuseum in Groningen en monsterrollen uit particulier bezit over de periode 1803 – 1937. De huidige database bevat 77.043 records van 34.552 zeelieden en 17.098 vermeldingen van 4.935 schepen. Vanaf 2002 werden de gegevens ingevoerd door dr. Jurjen Richard Leinenga uit Emmen, zelf afkomstig uit een zeevarende familie en opgegroeid in Delfzijl. Dhr. Martin Koers (M.A.) uit Nordhorn, Duitsland, en mevr. Michelle Leinenga-Goodwin uit Emmen vertaalden de tekst in resp. het Duits en Engels.

Zoeken in de database
U kunt in de monsterrollen database zoeken via de zoekpagina. Deze is via het menu links van het scherm te benaderen; of door hier te klikken.

Copyright © 2010 Noordelijk Scheepvaartmuseum Groningen. Alle rechten voorbehouden